Waarheid, durven en doen

Dworp. Een klein plaatsje in het zuidwesten van de Brusselse rand. Hier ligt Destelheide. Deze week het permanente onderkomen voor mijn partner en ik en een honderdtal andere creatievelingen. Op de Zomeracademie. Een veelzijdige werkweek, waar menig kunstzinnig hart een vreugdekreetje slaat onder begeleiding van een ervaren coach. Beeldende kunst, theater, dans, podcast, schrijven, … Destelheide doet er iets mee. 

Terwijl mijn vriendin haar muzikale hart ophaalt in de workshop songwriting, heb ik deze week een plaatsje verzilverd in het groepje schrijvers. Met acht zijn we. Het klikt, al praten we niet ontzettend veel. Er wordt vooral geschreven. En wel rond een opgelegd thema: Waarheid en leugen.

Ik zou deze week kunnen schrijven over de zware last van de leugenaar. Die draagt immers én de waarheid én de leugen. Of de paradox van de belogene die, wanneer de waarheid aan het licht komt, beseft dat hij in een leugen leeft. 

Ik besluit het luchtig te houden en schrijf een column met een knipoog. ‘Een loopje met de waarheid’ houdt een pleidooi voor de kleine leugentjes die haast ongemerkt ons dagelijks leven binnensluipen. Ik scherp mijn pen en heb plezier tijdens het schrijven. En tegelijk voel ik hoe het thema zich dieper in mij nestelt.

Waarheid en leugen. Een dualiteit van zwart en wit, doorspekt met heel veel grijs.

Waarheid en leugen. Een dualiteit van zwart en wit, doorspekt met heel veel grijs. Want kennen we de waarheid écht? Of liegen we onszelf maar wat voor? Wat is dé waarheid? Wat is écht? En wat is een leugen? Of slechts een illusie? Is de leugen per definitie een onwaarheid? Of slechts een alternatief voor wat waar is? De waarheid bestaat, ondanks de leugen, maar de leugen enkel dankzij de waarheid. En is het bestaan van de leugen dan geen waarheid an sich?

Het thema prikkelt de filosoof in mij en laat me niet meer los. Terwijl ik hier tijdens de workshops lichtverteerbaar leesvoer schrijf, draait mijn geest achter de schermen op volle toeren. 

Stilzwijgend stel ik mezelf in vraag. Hoe eerlijk ben ik eigenlijk echt? Hoe eerlijk ben ik met mezelf? Of beter: Hoe eerlijk durf ik met mezelf te zijn? Hoe diep durf ik naar binnen te kijken? En te luisteren naar mijn eigen waarheid? Ken ik mijn eigen waarheid? En spreek ik die ook voldoende? Gaandeweg dringt het meer en meer tot me door dat ik niet altijd even eerlijk ben met mezelf. Dat mijn ego vaak selectief doof is voor de stem van mijn lichaam en mijn ziel. 

Mijn ego. Het is gebouwd op slogans als ‘Flink zijn’, ‘Niet zeveren’ en ‘Vallen, opstaan en weer doorgaan’. Rusten? Dat is voor morgen. Hulp nodig? Nee hoor, het gaat wel. Ik kan het wel alleen. Alles onder controle! 

Helpen dus in plaats van geholpen worden, want dat eerste gaat me veel beter af. Altijd de touwtjes stevig in handen. De teugels strak aangespannen. Klaar voor de actie. Onbevreesd. Maar ben ik écht wel zo? Of is het een aangeleerde act? Een masker waarachter ik me genoegzaam verschuil? Het heeft me een flinke portie doorzettingsvermogen opgeleverd. En tegelijk hardhorig gemaakt voor mijn innerlijke stem.

Met zo’n maliënkolder over me heen en gezeten in een grote strijdwagen die overal bovenuit toornt, is het moeilijk voelen wat daaronder allemaal leeft.

Met zo’n maliënkolder over me heen en gezeten in een grote strijdwagen die overal bovenuit toornt, is het moeilijk voelen wat daaronder allemaal leeft. Luisteren naar mijn lichaam. Ruimte geven aan mijn gevoel. Ik oefen. En het voelt nog tegennatuurlijk aan.

Mijn waarheid is dat ik me nog te vaak boven mijn gevoel zet. Ver weg van wat daarbinnen leeft. Op veilige afstand van ongehuilde tranen en ondoorleefde pijn. Rationaliseren. Ik blink er in uit. Er zijn momenten waarop ik er wel bij kan. Die zijn schaars, maar van een ongekende intensiteit. Dan stromen de tranen en voel ik me klein en nietig en wil ik verdwijnen in de schoot van mijn lief. En dat doe ik dan ook. Dat mag van haar. Ik heb een lief lief.

In kwetsbaarheid zit een kracht die toont wat we vaak niet onder ogen durven zien. En vaak ben ik blind. Hoe gaat het echt met mij? Wat wil ik echt? Wat wil ik niet? Of niet meer? Wat leeft in mij? Wat heb ik nodig? Als ik het niet voldoende stil maak om naar de antwoorden te luisteren, hoe kan ik dan horen wat mijn zijn me wil zeggen? 

Ik geef het niet graag toe aan mezelf, en nog minder aan de buitenwereld, maar ik ben minder sterk dan ik vaak pretendeer. Onder mijn pantser ben ik week, en soms ook bang. En ik weet het lang niet altijd allemaal zo zeker als ik mezelf doe geloven. Het kost me moeite om hulp te vragen. En misschien wel nog meer om hulp te aanvaarden en geholpen te worden. Om zwakker te zijn, of gewoon even niet zo sterk. Toe te geven dat ik het niet altijd allemaal alleen kan. 

Ik voel de nood in mij om mijn schild te laten zakken. Om mijn helm af te zetten en mijn ware gezicht te tonen. Om meer verbinding te maken met mijn authentieke zelf. 

Ik liet los in liefde en erkende daarbij te weinig het diepe verdriet en de schreeuw van onmacht in mezelf.

In mij huist al een tijdje een onrust, die steeds moeilijker te negeren wordt. Mijn geest maakt een split, waar Jean-Claude Van Damme een puntje aan kan zuigen. Mijn ene been staat te trillen op de naweeën van de scheiding, waar onverwerkt trauma me nog parten speelt. Ik liet los in liefde en erkende daarbij te weinig het diepe verdriet en de schreeuw van onmacht in mezelf. (“Doordoen”, “Flink zijn”) Mijn andere been beeft op de stellingen rond mijn nieuwe gezin, waarin de kinderwens van mijn vriendin steeds sterker aanwezig is. Een spreidstand met kans op blessures. 

Het maakt me aan het oppervlak harder dan ik zijn wil. Het kapselt me in, waardoor ik me soms een schildpad voel. Het is tijd om mijn kop in te trekken en orde te creëren in mijn innerlijke huis. Angsten, pijnen  en verdriet onder ogen zien. Tijd nemen. Rust en ruimte creëren. Stilstaan om vooruit te komen. Het alternatief is vruchteloos blijven surplassen en daar bedank ik voor. 

Rouwen vraagt tijd en gezien onze leeftijd is tijd een erg schaars goed. Hoe graag ik ook mijn vriendin een eigen kind wil schenken, het gaat me vandaag te snel. Ik mag dit niet doen om haar te plezieren en daarbij aan mijn eigen noden voorbij gaan. Het gaat om een commitment dat een huwelijk overstijgt. Met implicaties op ieder vlak. Daar kan ik niet licht over gaan. De verantwoordelijkheid is groot. Ik wil ze helemaal mee kunnen dragen of anders… totaal niet. Ik merk dat ik er vandaag niet klaar voor ben. Ik loop vast. En ik baal ervan.

’s Avonds in bed, na alweer een dag vol creativiteit, hebben mijn vriendin en ik een eerlijk en kwetsbaar gesprek. Ik hoor mezelf mijn waarheid spreken. Ik moet, of beter, ik wil nu ruimte laten voor mezelf. Voor wat moet. Geen omwegen meer, geen bochten rond de essentie. Ik kan niet volgen. Het ritme ligt te hoog. Ik moet vertragen. Helderheid in hoofd en hart creëren om weloverwogen de juiste keuze te kunnen maken voor de toekomst. En dat begint bij het verleden verder loslaten, zodat meer ruimte ontstaat in mezelf en voor nieuw leven. Hoezeer ik hiermee ook tegen de prangende hartenwens van mijn lieve meisje inga. Dit is wat nu moet. Ik voel me schuldig en ik kan niet anders.

Rauwe schoonheid tussen lakens. Er is liefde. Voor elkaar en voor onszelf.

Het zijn ware en tegelijk rake woorden, die mijn lieve schat niet onberoerd laten. Ze is lief en begripvol en trekt me betraand naar zich toe. Dicht tegen elkaar aan gelegen, maken we het heel erg stil. Rauwe schoonheid tussen lakens. Er is liefde. Voor elkaar en voor onszelf. We hebben op beide fronten een mooie evolutie doorgemaakt, en vandaag is het meer dan ooit zoeken naar de balans tussen beiden. Open en eerlijk communiceren en elkaar daarvoor waarderen. Meer kunnen we nu niet doen.

Uiting geven aan mijn waarheid brengt tranen en tegelijk ook een soort verlossing. Eerlijkheid duurt het langst. Het is niet eenvoudig om de waarheid onder ogen te zien en ze te durven spreken. Maar alleen zo kan ik op termijn doen wat juist is. Het is voor mij de enige weg naar een duurzame toekomst samen. Hoewel onze wensen vandaag haaks op elkaar staan, zuivert de eerlijkheid paradoxaal veel latente spanning uit de lucht. Er is een grotere verbondenheid, in alle onzekerheid. Het mag er allemaal zijn. Onze liefde laat het toe. En dat is goud waard. Dit wil ik niet verliezen. Tijd kopen. Ik wou dat het kon. 

Ik voel dankbaarheid voor het respect dat tussen ons heerst. En de draagkracht en moed van mijn partner om aan mijn zijde te blijven staan, vertrouwend op wat komt. Ik wil haar niets ontnemen. En dat zal ik ook nooit doen. We weten dat we elkaar meer dan ooit zullen vinden, ofwel in liefde zullen laten gaan. Tijd zal dat uitwijzen. En die wil ik goed benutten.

Voor ons ligt een nieuw proces, dat we elk vanuit een eigen perspectief zullen doorlopen. En op een eigen tempo. Gaandeweg zullen antwoorden komen en zal helderheid ontstaan. En nieuw leven. Sowieso. Want de kinderwens van mijn partner is vurig en terecht. Ik wil de ruimte vinden om die in overgave te omarmen. Het minste wat ik kan doen is ze trachten te creëren.

In plaats van de zoveelste schrijfopdracht, sluit ik de laatste dag van de Zomeracademie af met een mailtje naar een therapeut. Ik ben bereid om het niet langer allemaal alleen te doen. Om hulp te vragen. En te aanvaarden. Me laten begeleiden in een rouw- en verwerkingsproces. Dat is alvast stap één. Ik klik op ‘Verzenden’ en haal diep adem. Goed zo, Ivy.


Geplaatst

in

door

Tags:

Reacties

Laat weten wat je ervan vindt

Create a website or blog at WordPress.com

%d bloggers liken dit: